Formatief vs summatief toetsen

Bij toetsen kan er onderscheid gemaakt worden tussen formatief en summatief toetsen. Formatieve toetsen zijn onderdeel van het leerproces. Het doel van een formatieve toets is om vast te stellen waar een student zich bevindt in relatie tot het leerdoel van een vak en wat er nog nodig is om dat leerdoel te bereiken. Ook kan een formatieve toets helpen om kennis en/of vaardigheden op te doen. Voorbeelden van formatieve toetsen zijn alle opdrachten tijdens werkcolleges, proeftentamens, diagnostische toetsen, tussentijdse oefeningen, onderzoeksvoorstellen, e.d. De aard van zulke toetsen brengt met zich mee dat expliciteren van het einddoel en het geven van goede feedback van fundamenteel belang zijn. Als alleen maar een cijfer wordt gegeven schiet een formatieve toets tekort want het gaat er nu juist om te laten zien waar de student zich kan verbeteren en hoe hij/zij daarbij te werk kan gaan. Bij dat alles moet er voor worden gezorgd dat de motivatie om verder te leren behouden blijft en bij voorkeur wordt vergroot.

Om na te gaan of studenten het studieonderdeel voldoende beheersen kan een summatieve toets gebruikt worden aan het einde van een onderwijsperiode. Een summatieve toets is een proeve van bekwaamheid en sluit als het ware iets af. Een voldoende op een summatieve toets impliceert dat de verantwoordelijke docenten, eventueel namens de examencommissie, verklaren dat de betrokken studenten voldoen aan de eisen. Natuurlijk kan feedback ook van belang zijn bij summatieve toetsen die immers vaak niet het einde van de leerweg betekenen, maar primair is bij summatieve toetsen toch het cijfer.
 

Kortom, gebruik formatieve toetsen voor de ontwikkeling van studenten en summatieve voor selectie en diplomering.

 

Gepubliceerd door  Toetsing

25 april 2017